Het College voor Zorgverzekeringen (CvZ) gaat op de stoel van de politiek zitten. Nog geen twee jaar nadat het kabinet besloot de pil weer terug te brengen in het basispakket van de zorgverzekering , adviseert het CvZ dit weer terug te draaien. “Het pakket hoort niet in Beetsterzwaag (de plaats waar het kabinetsakkoord tot stand kwam) te worden samengesteld”, zo licht CvZ bestuursvoorzitter Hermans toe.
CASA Nederland, een organisatie met vijf klinieken voor seksuele en reproductieve gezondheid, is verbijsterd over deze arrogante opstelling van het CvZ. Wat wel of niet in het basispakket zit is juist bij uitstek een zaak van de politiek en niet van de rekenmeesters van het CvZ. Met name het besluit om de anticonceptie wel of niet in het basispakket te laten is een politiek besluit. Alleen vrouwen en meisjes lopen het risico op een zwangerschap en alleen hen te laten opdraaien voor de kosten is een vorm van ongelijke behandeling.
Bovendien staat het voorstel van het CvZ haaks op de pogingen van het kabinet om het aantal ongewenste zwangerschappen terug te dringen. Ongewenste zwangerschappen komen naar verhouding vaker voor bij vrouwen uit allochtone groepen en vrouwen met lagere inkomens. Juist voor deze risicogroepen is een goede toegankelijkheid tot anticonceptie een hoeksteen in het preventiebeleid. De laatste jaren is er een lichte daling in het aantal abortus en het is maar de vraag of dat zal blijven als het CvZ zijn zin krijgt.
Het gaat volgens CASA in deze maatregel niet alleen om de pil, maar ook andere vormen van anticonceptie, zoals de implanon of het spiraaltje. Nu deze middelen weer in het basispakket zitten, besluiten veel vrouwen na een abortus een van deze middelen te laten plaatsen. Ook dat is belangrijk de voor de preventie want, zo laten de cijfers zien, eenderde van de vrouwen die een zwangerschap laten afbreken doen dat meer dan één keer.
CASA Nederland roept de Minister van VWS op geen zwabberbeleid te voeren, zoals het CvZ wil. Er waren in 2008 goede argumenten om de pil terug te brengen in het basispakket en daar is niets in veranderd.
Rond 1% van alle vrouwen heeft vaginisme. Vrouwen met vaginisme spannen onbewust hun bekkenbodemspieren aan als iets hun vagina nadert. Penetratie wordt onmogelijk of is heel pijnlijk. Deels is dit een normale reactie, alle vrouwen die naar verkrachtingsbeelden kijken, spannen deze spieren aan. Maar bij vaginisme vindt die reflex op ongewenste momenten plaats, mogelijk uit angst voor pijn. Vaginisme kan als een soort angstfobie worden gezien. In sommige gevallen is er echter een lichamelijke oorzaak, bijvoorbeeld een te nauwe 'ingang'.
Er bestaan zeer diverse behandelwijzen voor vaginisme, van gesprekken met een psycholoog tot fysiotherapie voor de bekkenbodem. Het was tot voor kort gebruikelijk dat een therapeut gesprekken voerde, waarna de vrouw thuis oefende met het inbrengen van pelotten (kunststof staafjes) of vingers. Maar uit onderzoek blijkt dat vrouwen met vaginisme vermijdend gedrag vertonen, net als mensen die lijden aan fobieën. Thuis wordt vaak niet of niet goed genoeg geoefend om resultaat te bereiken.
Een deels in Limburg ontwikkelde nieuwe behandeling voor vrouwen met vaginisme wordt naar verwachting eind dit jaar landelijk ingevoerd. De aanpak is ontwikkeld door het centrum Seksuologie van het Maastrichts Universitair Medisch Centrum (MUMC) samen met het Leids Universitair Medisch Centrum. Inclusief voorstudies is er bijna zeven jaar aan gewerkt. Volgens Melles is het resultaat van de nieuwe aanpak zo opvallend, dat het ‘niet anders kan’ dan dat landelijke invoering volgt.
Totaal negentig vrouwen met vaginisme zijn volgens de nieuwe ‘exposure’-methode geholpen. 90 Procent van de gevallen leidde binnen twee weken tot succes. Via ‘oude” behandelwijzen was het succespercentage slechts 23 procent.
Bij de ‘exposure’- methode oefenen vrouwen in het bijzijn van hun partner en onder begeleiding van de therapeut. Dat gebeurt stapje voor stapje, afgewisseld met ontspanningsoefeningen. Negen van de tien keer zijn vrouwen dan binnen twee weken in staat tot het inbrengen van de penis, zegt Melles. Het sluitstuk van het onderzoek wordt na de zomer gepubliceerd in een medisch vakblad. Hierin staat of de vrouwen een jaar na de behandeling nog geslachtsgemeenschap hebben.
Binnenkort start een nieuwe studie naar vaginale pijn tijdens het vrijen.
Het is bijna onopgemerkt gebleven, maar op 24 april 2009 heeft Monaco, na jarenlange debatten in het parlement, de wetgeving inzake abortus veranderd. De wet staat abortus nu toe in geval van bedreiging van de lichamelijke gezondheid van de vrouw, zwangerschap na verkrachting of ernstige afwijkingen bij de vrucht. Twee artsen moeten de indicatie stellen. De zwangerschap kan alleen worden afgebroken in een ziekenhuis.
Hoewel deze wet veel beperkingen kent, is zij voor Monaco progressief. Hiermee behoort Monaco niet langer tot de groep landen in Europa waar abortus geheel verboden is. Tot deze groep behoort nu nog alleen Ierland, San Marino, Malta en Andorra.

Welkom op de nieuwe website van CASA Nederland: Centra voor Anticonceptie, Seksualiteit en Abortus.
CASA is een landelijke organisatie die hulp verleent op het gebied van geboorteregeling en seksuele gezondheidszorg. CASA heeft vestigingen in Leiden, Den Haag, Rotterdam, Maastricht en Goes.
Bel voor informatie en afspraken 088 888 4444
Maandag t/m vrijdag van 08.00 - 20.00 uur.
Zaterdag van 09.00 - 13.00 uur.
