
Elk jaar wordt in Nederland bij ongeveer 600 vrouwen baarmoederhalskanker vastgesteld. Baarmoederhalskanker komt voor bij vrouwen van alle leeftijden, maar het meest bij vrouwen van 30 tot 50 jaar.
Baarmoederhalskanker ontstaat uit cellen in het slijmvlies op de grens van baarmoederhals en baarmoedermond. In dit overgangsgebied kunnen afwijkende cellen ontstaan. Er is dan nog geen sprake van kanker.
De afwijking kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door een ontsteking of infectie. Meestal herstelt het lichaam dit zelf weer. Als dat niet lukt en het aantal afwijkende cellen neemt toe, kan na verloop van tijd een voorstadium van baarmoederhalskanker ontstaan. De aandoening is in dit stadium nog heel beperkt en kan met een eenvoudige behandeling worden verholpen. Als dit voorstadium niet wordt behandeld, ontstaat uiteindelijk baarmoederhalskanker. Dit kan wel tien tot vijftien jaar duren. Na behandeling van het voorstadium is de kans op genezing vrijwel 100%.
Baarmoederhalskanker is een van de weinige vormen van kanker die in de meeste gevallen wordt veroorzaakt door een virus, te weten HPV (humaan papillomavirus). Er zijn meer dan honderd soorten van het virus. De types HPV 16 en HPV 18 veroorzaken 70% van de gevallen van baarmoederhalskanker.
Er is een vaccin ontwikkeld dat bescherming biedt tegen HPV. Het vaccin is vooral bedoeld voor jonge meisjes voordat zij voor het eerst seksueel contact hebben. Vanaf 2009 worden alle meisjes vanaf 12 jaar gevaccineerd.